Uit De Socialist 132, februari 2002 

Stop  Fortuyns haatcampagne

GEEN  STEM  VOOR  DEZE RACIST

Op 6 maart worden gemeenteraadsverkiezingen gehouden en op 15 mei Tweede Kamerverkiezingen. Vanaf deze maand zullen de verkiezingscampagnes loskomen. Een element dat daarin zeker een rol zal spelen is de snelle opkomst in de peilingen van Leefbaar Nederland. Nu al is zichtbaar wat het effect zal zijn. Het CDA en de VVD bieden tegen elkaar op wie het hardst kan meebrullen met Pim Fortuyns aanvallen op asielzoekers en de islam. Hoe wankel het succes van Leefbaar Nederland ook zal zijn, de partij zal in ieder geval een ruk naar rechts in de Nederlandse politiek vergemakkelijken.

Dat Leefbaar Nederland stemmen trekt heeft meer te maken met het falen van de gevestigde politiek dan met de kwaliteiten van de partij zelf. Een korte blik op de  affaires van de afgelopen jaren is genoeg om te begrijpen waarom een partij die zich afzet tegen corruptie en zelfgenoegzaamheid een snaar raakt. Van de Bijlmerramp tot het declaratiegedrag van burgemeesters tot de bouwfraude, uit alles komt het beeld naar voren dat politici van de gevestigde partijen op zijn best volslagen incompetent en op zijn ergst een stel zakkenvullers zijn. En dit terwijl ze beleid voeren dat op alle belangrijke punten impopulair is, of het nu gaat om de zorg, het onderwijs, het openbaar vervoer of andere onderwerpen waar mensen dagelijks mee te maken krijgen.

De manier waarop Leefbaar Nederland (LN) met de problemen omgaat is echter volledig populistisch. In plaats van het gevecht te helpen organiseren tegen corruptie, privatisering en bezuinigingen ziet het deze punten alleen als middel om te scoren. Ondertussen lijdt LN aan alle gebreken die het de rest van de politiek verwijt. Pim Fortuyn gaf op een congres van lokale partijen kritiek op het gebrek aan democratie binnen de grote partijen: “Aan de verkiezingen van Dijkstal en Melkert  is geen gewoon partijlid te pas gekomen.” Maar de procedure waardoor Fortuyn zelf lijsttrekker werd was voorgekookt door een handjevol partijbestuurders. Partijleden mochten erover stemmen, maar de beslissing was al genomen. Een groot deel van de kandidatenlijst van de partij bestaat uit ex-leden van gevestigde partijen, die LN zien als een snelle manier om carrière te maken.   Zelfverrijking van politici vindt de partij geen probleem. Pim Fortuyn verklaarde zelfs geen minister te willen worden, omdat hij vond dat je met hun jaarsalaris van 250.000 gulden 'gestript' wordt. LN probeert te scoren met een aantal bekende Nederlanders op de lijst. Het enige wat deze mensen gemeen hebben is dat ze rechts zijn en kamerlidmaatschap wel eens een leuke afwisseling vinden.

Een stem op LN is geen proteststem. De partijtop bestaat uit gefrustreerde middenstanders, die niet een einde maar een verscherping van neoliberaal beleid willen en die hun echte standpunten verschuilen achter een rookgordijn van racisme.

Wat de  Hollandse Haider zegt:

Over vluchtelingen:

“Ze beschouwen Nederland als een ruif waar men naar hartelust kan nemen wat van zijn gading is. Ze vormen een beangstigend dood gewicht in de Nederlandse samenleving en verzorgingsstaat.”

Over antidiscriminatiebureaus:

"De geestelijke terreurpolitie."

Over onderwijs en zorg:

“Er gaat geen extra geld naartoe.”

Over de kloof tussen rijk en arm:

“Mensen die niet willen werken, horen arm te zijn. Als je gezond van lijf en leden bent ga je aan de slag. Er is werk zat.”

Over problemen van een  alleenstaande moeder:

“Daar moet ze de samenleving niet mee opschepen. Je hóeft geen kinderen te krijgen. Er bestaat zoiets als de pil. En dan neem je maar een dienstje als de kinderen naar school zijn. Of je gaat tuinen onderhouden. Er is geen tuinman te krijgen.”

Over nazi’s

"De afgelopen dagen waren we getuige van het trieste afscheid van drs. Hans Janmaat van de Tweede Kamer: slachtoffer van het politiek correcte denken in Nederland.”

“Jullie verhinderen mij om überhaupt in discussie te gaan met Filip Dewinter of Jürg Haider. Ik heb daar geen bezwaar tegen. En met Janmaat wil ik ook best debatteren. Maar ik heb geen zin om me eindeloos te moeten verdedigen omdat ik met hen discussieer.”

“In ons land en in de meeste media wordt Haider afgedaan als extreem-rechts, wat hij en zijn partij naar mijn oordeel absoluut niet zijn.”

In 1998, met een vooruitziende blik:

“De VVD weet wat haar te doen staat bij de formatie van Paars II, op straffe van een nieuwe Janmaat over vier jaar.”

LINKS TEGENGELUID NODIG

Het echte alternatief voor Paars komt niet van rechts maar van links. Er moet een einde komen aan de privatiseringswoede, aan de groei van de kloof tussen arm en rijk, aan de afbraak van sociale voorzieningen. Dat LN nu weg kan lopen met de onvrede is te wijten aan het falen van grote delen van parlementair links. De PvdA, nog altijd de partij met de sterkste banden met de vakbonden, is als onderdeel van Paars medeplichtig aan de sociale problemen.

GroenLinks, dat een jaar geleden nog op grote winst stond in de peilingen, heeft die winst verspeeld door zijn gebrek aan principes. Nog voordat de partij onderdeel is geworden van de regering laat Rosenmöller zien hoever hij bereid is te gaan om maar in het pluche te belanden. De enige partij die aansluit bij het opkomende verzet  tegen neoliberalisme en die daarnaast stelling durft te nemen op punten zoals de oorlog is de SP. De laatste partij verdient stemmen van linkse kiezers meer dan de andere partijen, maar geen kritiekloze steun. Bijvoorbeeld op punten als de rechten van vluchtelingen is de SP lang niet zo uitgesproken als nodig is, en gaat de partij er vaak zelfs in mee om allochtonen zelf de schuld te geven van de achterstand waarin ze in Nederland gedrukt worden.

Dit heeft te maken met een zwakte die alle grote linkse partijen delen: ze maken verzet van onderaf ondergeschikt aan wat  er gebeurt in het parlement. Daarom zijn ze bereid concessies te doen aan hun principes als het erop lijkt dat dit stemmen oplevert. Maar dit maakt het bouwen van verzet tegen rechts moeilijker in plaats van makkelijker.

De belangrijkste ontwikkeling in de politiek is dan ook niet wat er gebeurt tijdens de verkiezingen, maar is de opkomst van een beweging tegen de waanzin van de markt. De demonstraties in Brussel voor een ander Europa in december, waaraan ook een grote groep Nederlandse demonstranten meedeed, laten het alternatief zien: zwart en wit samen op straat tegen neoliberaal beleid. Op basis van dit soort solidariteit kan het offensief van rechts gestopt worden.