De radicale cellen van het dierenactivisme Hoe streed de verdachte?
De kippenholocaust en ander onrecht
  De moord op Pim Fortuyn heeft de strijd tegen dierenonrecht in een kwaad daglicht gesteld sinds justitie op het milieuactivisme van de verdachte wees. Zonder dat iemand nog weet wat de motieven van de moordenaar zijn, hebben dierenrechtorganisaties afstand genomen van zijn daad. Maar de vraag blijft open hoe ver activisten gaan bij de bestrijding van dierenleed.  
 

De vermoedelijke moordenaar van Pim Fortuyn streed als medewerker van de Vereniging Milieu-Offensief in Wageningen tegen de intensieve veehouderij. ,,Het deugt niet wat in de bio-industrie met dieren gebeurt'', verklaarde hij ooit. Hij is veganist en consumeert geen enkel product waarvoor dieren zijn gebruikt. Er wordt wel gezegd dat de verdachte een ideologisch motief heeft gehad. Daartoe werd bijgedragen door de officier van justitie die de ochtend na de moord liet weten dat bij huiszoeking in de woning van de verdachte was gebleken dat deze in bezit was ,,van materiaal dat mogelijk wijst op milieuactivisme''.

Maar als de moord is gepleegd uit naam van de strijd voor dierenrechten, dan zegt in elk geval geen enkele organisatie op dit gebied daar blij mee te zijn. De dader ,,moet zijn daad zelf verantwoorden, maar wij keuren hem af'', zegt Mark, woordvoerder van het Dieren Bevrijdings Front, van alle aanspreekbare dierenrechtorganisaties de meest radicale. In een officiŽle verklaring melden de bevrijders dat men ,,walgt'' van de moord. ,,Pim Fortuyn was natuurlijk geen dieren/milieu-vriend maar dat is geen enkele reden om hem dan maar koud te maken.''

Iedereen die het ideaal van een diervriendelijke wereld met de vermoedelijke moordenaar van Fortuyn deelt, voelde zich de afgelopen weken geroepen om zich van de ,,onbegrijpelijke daad'' te distantiŽren. ,,De enige verklaring die mogelijk kŠn zijn is kortsluiting in het hoofd van iemand die zoiets doet. Al was het maar omdat een daad als deze niet alleen het leven van het slachtoffer en de hoop van miljoenen mensen verwoest, maar ook omdat zij grote gevolgen heeft voor het gezin van de verdachte en de zaak waar hij zich tachtig uur per week voor inspande'', zo lieten zijn collega's bij Milieu-Offensief in een verklaring weten.

Dat de verdachte veganist is, betekent helemaal niets, stelt het bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Veganisme: ,,Onze vereniging hanteert vanaf haar ontstaan het principe van geweldloosheid en een respectvolle bejegening van alles wat leeft'', aldus een verklaring. Voorzitter Caroline Hoogendijk, die de verdachte kent en zelf ook meeloopt in demonstraties: ,,Veganisme is een eenpersoonsactie tegen de manier waarop mensen met dieren omgaan, maar veganisme heeft geen ruk met deze moord te maken.'' Stichting Wakker Dier meldt in een persbericht: ,,Voor zover Wakker Dier kan nagaan is de dood van Pim Fortuyn het gevolg van het buiten zinnen raken en doordraaien van ťťn individu.'' En Bont voor Dieren, dat enkele maanden geleden een ludiek protest organiseerde tegen de opvatting van Fortuyn, dat er wat hem betreft geen verbod op het fokken van pelsdieren hoefde te komen, laat officieel weten: ,,Onze relatie met de Vereniging Milieu-Offensief was altijd gericht op het voeren van juridische procedures en was zuiver zakelijk van aard.''

De 'gruwelijkheid' van de daad staat in 'geen enkele verhouding' tot een eventueel dierenrechtmotief, zo is de communis opinio onder zelfs de felste activisten. Bovendien is fysiek geweld min of meer taboe onder dierenactivisten, zeggen ze. Bert Stoop, pleiter voor dierenrechten en oprichter van internetplatform Animal Freedom: ,,Het gebruiken van geweld is onder activisten een gevoelig punt. Geweld wordt als een fout gezien, omdat je de sympathie van het publiek ermee verspeelt.''

Het Dieren Bevrijdings Front zegt strenge richtlijnen aan acties te stellen. Het Front wil dieren bevrijden uit 'dierenuitbuitende instituten' zoals proefdiercentra, pelsdierfokkerijen en legbatterijen ,,om ze vervolgens te herplaatsen in warme tehuizen of in het geval van wilde dieren, zoals nertsen, los te laten in de natuur''. Ook mogelijk is het ,,saboteren van de eigendommen van dieren uitbuitende instituten door economische schade aan te richten aan goederen''. Maar omdat de organisatie staat voor de bevrijding van ,,al het leven op aarde'', mag tijdens acties dat leven nooit worden geschaad. ,,Te allen tijde worden uiterste voorzorgsmaatregelen genomen om de veiligheid van mens en dier te waarborgen.''

Wie een actie uitvoert, kan die via de Supporters Groep van het Dieren Bevrijdings Front bekendmaken. De supporters staat in los contact met iedereen die actie voert. ,,We kennen ze vaak nauwelijks'', beweert Mark, die zijn achternaam niet wil noemen. Als de actie aan de richtlijnen van de 'supporters' voldoet, wordt een verklaring uitgegeven en wil het Front er zijn naam aan verbinden en de actie opnemen in haar 'officiŽle' lijst. De actielijst van het Bevrijdings Front is de afgelopen jaren langer geworden. Volgens woordvoerder Mark niet als gevolg van een 'radicalisering' van dierenvrienden maar van de toename van het leed. ,,We zitten met de ellendige gevolgen van beslissingen over bio-industrie en proefdiercentra die soms al jaren geleden zijn genomen.''

Tot de grote successen van de afgelopen jaren rekent het Front de brand in de varkensslachterij Dumeco in het Brabantse Boxtel. In maart 2001 legden brandstichters een derde van het bedrijf in de as. De verklaring van destijds: ,,Wij hebben twee ontkopte plastic flessen gevuld met een mengsel van olie en benzine met boven in een doordrenkte krantenprop die steun geeft aan een groot formaat sterretje als lont. Het voorste gedeelte van de trucks hebben we nat gemaakt met in totaal twintig liter van hetzelfde mengsel. Met weinig middelen een vernietigend resultaat! Op deze manier dwingen we de vleesindustrie te stoppen met zijn misdadige praktijken.''

Een flinke klapper was ook een actie in Valkenswaard, augustus 2001, waarbij bijna 17.000 nertsen werden vrijgelaten. ,,Beter een dag in vrijheid hebben geproefd dan zeven maanden 'leven' in een concentratiekamp'', stellen actievoerders. Er is veel kritiek op zulke bevrijdingsacties, omdat een deel van de losgelaten nertsen in het verkeer wordt doodgereden en omdat bovendien de roofdieren na hun bevrijding kippen, eenden en vogels vreten. ,,Ik heb ze uitgelegd dat door de nertsen al het leven in de omgeving verdwijnt. Maar voor zulke argumenten zijn ze weinig gevoelig. Ze zouden het liefst de schepping nog eens overdoen. Ik vind het een kwalijke vorm van sektarisme'', zegt Erik Rolevink, chemicus bij de Universiteit Twente en als vrijwilliger bij Milieudefensie Twente samen met Arend Bosscher een oude rot in de strijd tegen de intensieve veehouderij. Maar volgens Mark van het Bevrijdings Front is het leed na een actie klein vergeleken met de ,,holocaust'' waaronder de nertsen gebukt gaan. ,,Als we de nertsen niet bevrijden, hebben ze geen enkele kans om te overleven. Ze worden allemaal vergast.''

De opsporing van de dierenactivisten heeft weinig resultaat. De Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) heeft herhaaldelijk gewezen op de gevaren van het dierenactivisme en werft ook informanten in het circuit, maar erg effectief is de verhoogde waakzaamheid niet. Wim Verhagen, secretaris van de Nederlandse vereniging van Fokkers van Edelpelsdieren: ,,Wij dringen al jaren aan op maatregelen tegen deze criminele activiteiten. Maar er gebeurt weinig.'' Soms doen de fokkers iets terug; anderhalf jaar geleden werden zes nertsenfokkers in hoger beroep veroordeeld voor het molesteren van demonstranten.

Dierenactivisten wijzen met enig leedvermaak op de knulligheid waarmee politie en BVD te werk gaan. Ook bestaat er volgens hen sympathie voor de acties. Actievoerders die medewerkers van de ,,apenhel'' Biomedical Primate Research Centre in Rijswijk belagen, vertellen dat ze soms zelfs hulp krijgen van de politie. In november kreeg medewerker Peter Heidt voor de zoveelste keer bezoek van actievoerders. ,,Toen het Peter Heidt te heet onder de voeten werd, zocht hij bescherming bij een agent. Deze deed echter niets... Het toeval wilde namelijk dat deze agent vegetariŽr is en ook nog eens de stap aan het zetten is om veganist te worden!'', aldus een verslag.

Dierenactivisten zijn moeilijk te traceren. Het Dieren Bevrijdings Front adviseert met zo min mogelijk mensen, ,,twee tot vijf leden'' te werken. ,,Mensen die de neiging hebben om op te scheppen en loslippig zijn, zijn dus niet geschikt als partner'', aldus een recente handleiding Geen woorden maar daden van het Dieren Bevrijdings Front (anderhalve euro in de actieboekhandel). ,,Je eigen cel starten is beter dan je bij een bestaande cel aansluiten, want aangezien je op de hoogte bent van een bestaande cel is hun veiligheid duidelijk niet goed.''

Na een arrestatie is praten met politiemensen uit den boze. ,,Het zijn fervente leugenaars en ze zullen alles zeggen om je erin te laten lopen. Onthoud dat elk woord uit hun mond, hoe vriendelijk, onschuldig, of niet ter zake doende ook, wordt gezegd om bewijs tegen je te verkrijgen. Dus houd je mond stijf dicht.'' De brochure geeft tips voor illegale acties: smeer modder op de kentekenplaat van je auto zodat die minder zichtbaar is; draag zwarte of blauwe sokken over je schoenen zodat je geen schoenprofiel achterlaat. Besproken wordt onder meer hoe te handelen bij het dichtlijmen van sloten (,,Lijmen van het merk Bison zijn veganistisch'') en het stichten van brand. ,,Hoe gevaarlijk brandstichting ook is, het is het meest krachtige wapen in de strijd voor dierenbevrijding.''

De enige dierenactivisten die in Nederland ooit zijn veroordeeld, zijn Erik van der Laan en Frank Kocera. Zij werden al enige tijd verdacht van aanslagen op slagerijen in Den Helder en Amsterdam, toen zij in 1996 in de val liepen door vanuit een telefooncel in een straat in Amsterdam te bellen over hun acties. Deze telefooncel werd afgeluisterd om een Colombiaanse drugsbende te volgen. Van der Laan en Kocera kregen respectievelijk tweeŽnhalf en drie jaar gevangenisstraf. In een vraaggesprek met het Dieren Bevrijdings Front zegt Van der Laan: ,,De reden dat ik hardere acties ben gaan voeren, is omdat ik vind dat legale acties niet zoveel uithalen, en met hardere acties kun je veel financiŽle schade aanrichten.'' Zijn motief: ,,Dagelijks lijden er miljoenen dieren in de bio-industrie, in de slachthuizen, in bontfokkerijen en in laboratoria. Dit alles heeft niet alleen slechte gevolgen voor deze dieren, maar ook voor de mensheid die afhankelijk is van het dierenrijk. Door bijvoorbeeld het eten van vlees komt er een mestoverschot, wat ernstige gevolgen heeft voor het milieu.''

Kocera schreef een brief vanuit de Bijmerbajes, waarin hij verklaarde waarom hij na twee dagen toch ging praten tegen de politie: ,,Ik dacht, ik ga toch naar de gevangenis, dus ik kan ze alles vertellen. In Nederland krijg je een lagere straf als je je coŲperatief opstelt, dus zodoende probeerde ik de laagst mogelijke straf te krijgen.'' Hij heeft nergens spijt van.

De meest intimiderende acties in de strijd voor dierenrechten zijn gericht tegen het proefdiercentrum Biomedical Primate Research Centre (BPRC) in Rijswijk. Groepen als Een Dier Een Vriend (EDEV) en het Burgerinitiatief, alsmede het Dieren Bevrijdings Front, ijveren al jaren voor sluiting van het apencentrum, maar vooralsnog zonder resultaat. De afgelopen maanden kregen medewerkers van het instituut regelmatig bezoek aan huis. Er werden banden lek gestoken en leuzen op de woningen geschilderd, sloten werden dichtgelijmd, actievoerders gingen voor de ramen staan met grote apenmaskers op. Ook zijn er telefonische bedreigingen. ,,Ze zijn niet zo lief als ze zich voordoen'', zegt directeur Ronald Bontrop van het BPRC, die zelf 's nachts werd opgebeld en te horen kreeg We're gonna kill you. Ook kreeg hij in december 2001 op zijn verjaardag een drumband op de stoep voor zijn huis. Uit de actieverklaring: ,,Terwijl Ronald Bontrop zijn verjaardag viert zitten er op zijn werk onder andere zestienhonderd apen in kooien opgesloten, wachtend op hun dood. Wij vinden dit een onaanvaardbare situatie.'' Bontrop laat zich niet kisten. ,,Wij doen hier goed en belangrijk werk. We zullen niet zwichten voor terreur.''

Er zijn wellicht dierenbevrijders die nog ernstiger geweld niet schuwen. Dat zijn de mensen die ideologisch kunnen worden gevoed door een boek, elf jaar geleden verschenen onder de titel 'A declaration of war' en geschreven door 'Screaming Wolf'. In dat Amerikaanse boek wordt opgeroepen tot oorlog tegen de verwoestende consumptiemaatschappij. ,,Bevrijders geloven in het doden van mensen om dieren te redden!'' De auteur wil een einde maken aan de ,,dagelijkse holocaust'' onder miljoenen kippen, koeien en varkens, plus het misbruik van dieren door het testen van cosmetica en medicijnen, in de sport, in de amusementswereld en door het autoverkeer. Geen enkele dierenactivist zegt dit boek serieus te nemen, wat ook wel zou blijken uit het feit dat er in dertig jaar strijd voor dierenrechten in Nederland nog nooit een gewonde is gevallen.

 
 

Bron